Wil Mansveld-Dieben

Leiden 1912-2005
Jeugd en lidmaatschap
Willemijntje (Wil) Dieben werd geboren in Leiden in 1912 als dochter van Marie Dieben-Konings, de oprichtster en zeer lang presidente van gymnastiekvereniging Brunhilde. Daarmee groeide zij letterlijk op binnen de vereniging. Sport en vooral gymnastiek maakten al vroeg een belangrijk onderdeel van haar leven uit. Ze werd op jonge leeftijd lid van Brunhilde en maakte de overgang mee van de schoolse gymnastiek naar nieuwe stromingen met ritmiek, jazz en later ook moderne gymnastiekvormen.
Leiding geven
Net als haar moeder zette Wil zich intensief in voor de vereniging. Zij gaf zelf vele jaren les aan de damesgroepen en begeleidde ook jeugdleden en keurploegen. Ze stond bekend als streng maar rechtvaardig, enthousiast en goed georganiseerd.
Bestuursfunctie en voorzitterschap
In 1960, na vijftig jaar voorzitterschap van haar moeder mevrouw Dieben-Konings, nam Wil Mansveld het presidentschap van Brunhilde op zich. Daarmee werd ze de tweede generatie uit de familie Dieben die de vereniging leidde. Wil trad aan als presidente tijdens het gouden jubileum (1960) en zou die functie meer dan een kwart eeuw vervullen (tot 1986).
Zij leidde Brunhilde in een roerige fase:
– de afbouw van de atletiekafdeling (1950),
– de opkomst van ritmische gymnastiek onder Edith Metz,
– de introductie van de jazzgymnastiek in de jaren zeventig,
– en de overgang naar een periode waarin uitvoeringen in de Leidse Stadsgehoorzaal door hoge kosten niet langer mogelijk waren.
Brunhilde onder Wil Mansveld
Onder haar leiding bleef de vereniging ondanks veranderingen een bloeiende damesgymnastiekclub, waar recreatie, gezelligheid en discipline centraal stonden. Zij zorgde dat er altijd leiding beschikbaar was en dat nieuwe stromingen (jazzgymnastiek, conditietraining, deelname aan Gymnaestrada’s) hun plaats kregen.
Persoonlijkheid
Wil hield van “cachet”: ze vond dat Brunhilde zich waardig moest presenteren. Recepties, uitvoeringen met bekende orkesten en deelname aan Leidse evenementen als de 3 Oktoberoptochten mochten niet ontbreken. Ze had in het bestuur een krachtige stem en wist dames “bij elkaar te houden”, zoals haar moeder dat voorheen had gedaan.
Erepresidente
Toen Wil in 1986 haar voorzitterschap neerlegde (na 26 jaar), werd zij benoemd tot erepresidente van Brunhilde. Daarmee eindigde ook de unieke Dieben-dynastie, die de vereniging sinds de oprichting in 1910 in totaal 76 jaar onafgebroken had geleid (moeder Marie Dieben-Konings 1910–1960, dochter Wil Mansveld-Dieben 1960–1986).
Laatste jaren
Na haar vertrek als presidente bleef Wil nauw betrokken bij Brunhilde. Zij gaf nog incidenteel les en werd vaak uitgenodigd bij recepties en jubilea. Binnen de Leidse gymnastiekwereld stond zij bekend als een sleutelfiguur en boegbeeld.
Betekenis
Wil Mansveld-Dieben was meer dan een voorzitster: zij was het symbool van continuïteit en traditie bij Brunhilde. Onder haar leiding bleef de vereniging stevig geworteld in de Leidse gemeenschap en paste zij zich aan moderne gymnastiekvormen aan. Zij wordt herinnerd als een markante Leidse dirigente van de sportwereld die de waarden van Brunhilde – discipline, enthousiasme en kameraadschap – een halve eeuw lang belichaamde.
De Turnkring van Mansveld-Dieben: Meer dan een halve eeuw bestuurlijke toewijding
De geschiedenis van de Leidse Turnkring is nauw verbonden met de familie Mansveld-Dieben, die vanaf de oprichting in 1919 tot ver in de jaren zeventig een centrale rol speelde binnen het bestuur. M.G.B. (Wil) Dieben-Konings, bij iedereen bekend als “Ma Dieben,” was vanaf het prille begin secretaresse van het bestuur en had tevens een leidende rol binnen Gymnastiekvereniging Brunhilde. Samen met haar zus G.J. Kruythooft-Konings, lid van de Technische Commissie, legde zij een stevig fundament voor de Leidse gymnastiek.
Na ruim 30 jaar bestuurswerk volgde haar dochter Wil Mansveld-Dieben haar op als secretaris, waarbij zij zich onderscheidde door haar inzet tijdens een periode van organisatorische verandering en vernieuwing van de Technische Commissie. Zij speelde ook een sleutelrol in de fusie van 1972 die de Leidse Turnkring liet samengaan met de Haagse Turnkring tot Turnkring Leidsenhage. In dit nieuwe bestuur bekleedde zij wederom de functie van secretaris.
De onafgebroken betrokkenheid van moeder en dochter in een bestuurlijke rol getuigt van een bijzondere familieband met de Leidse gymnastiek, waarbij continuïteit, inzet en liefde voor de sport kenmerkend waren. Hun bijdrage aan de Leidse turnwereld is van onschatbare waarde gebleken voor de ontwikkeling, het voortbestaan en de integratie van de gymnastiekvereniging in bredere regionale verbanden.
